Zaterdag 25 april ’09- zondag 26 april ’09
Villa tunari, een weekend in een dorp waar onze grenzen werden verlegd.
Zaterdagmorgen, ons avontuur begon. De taxi kwam ons oppikken en voerde ons naar de stopplaatsen van de bussen. Het was immens druk waardoor we al een uurtje vertraging hadden volgends de planning in ons hoofd. Uiteindelijk na wat gesukkel een busje gevonden. Met nog een Zweedse , een Australiër en een Boliviaan zat de auto vol en reden we naar villa Tunari. Dit is het eerste dorpje dat je tegenkomt wanneer je het chapare gebied inrijdt. En dus het meer tropische gedeelte van Cochabamba. Na een dikke 3 uur rijden kwamen aan. Het dorp is niet meer dan een lange straat en enkele kleine dwarse straatjes. We werden daar ergens gedropt, niet wetende waar. Wel stond er een heel groot bord met Turismo op en een gigantische pijl. Wat doen we dan als echte toeristen? Inderdaad het bord volgen. We kwamen aan een klein houten hutje waar je zogezegd info kon krijgen. Het was niet open op de middag en later op de middag ook niet zo bleek. Op zoek naar een slaapplaats dan. Er was een hotel langs de kant van de weg : las palmas, niet slecht dachten we. We gingen een kijkje nemen en zo werd dat onze verblijfplaats voor het weekend. Een klein huisje met een kamer en kleine badkamer was van ons. Een zwembad op een paar meter ver en héél veel palmbomen. Hoe kan het ook anders met zo’n tropisch lekker warm weertje? We installeerden ons en namen eerst en vooral al een duikje in het zwembad om wat afkoeling te vinden. Nadien een douche en klaar om villa tunari onveilig te maken. Toen we wouden vertrekken werden we tegengehouden door een kerel die daar werkte. Hij had drie gigantische kokosnoten vast, die waren voor ons. Een groot stuk werd eruit gesneden en er werden rietjes ingestopt. De eerste kokosmelk was een feit. Lekker? Goh, niet bepaald super, want het smaakte wat naar water, maar wel hilarisch dat we daar met een grote kokos in onze handen zaten te drinken. Nadien kregen we aan de balie van het hotel wat informatie over wat er te doen was. ( Zoveel moet je er niet bij voorstellen, het is niet zoals de hotels die wij kennen). Het toeristenbureautje stelde niets voor , dus volgden we de raad maar van de meneer van het hotel. Om te starten trokken we naar Parque Machia. Wat verderop, aan de overkant van de rivier en dus eigenlijk al het einde van Villa Tunari. ( max 1 km ). Maar, zo wild als we zijn, zagen we iets dat onze verplaatsing aangenamer kon maken in plaats van te voet te gaan. Ze hebben daar moto-taxis. Dus wij, hup de moto op en rijden richting het park. Zaaaaalig! Met de haren in de wind en de poepers in de broek omdat het te snel ging, vlogen we vooruit. Eerlijk gezegd denk ik dat mijn chauffeur een beetje doof was, ik heb nogal gekrest , maar vooral gelachen!
Aangekomen in het park, begon het volgende avontuur. Daar zaten al die eerste apen. Met nog een trauma van vorige zomer moest ik mijn apen-angst dit keer toch overwinnen. De kaartjes werden betaald en alles moest uit, oorbellen, armbandjes die niet vast hingen, niets in de zakken. De apen scharrelen naar het schijnt overal en dat zou ze teveel uitdagen. Ok, we kregen wat uitleg en mochten op eigen initiatief het park in. Ik & Sarah natuurlijk met enorm veel poepers in ons broek. Want er zaten wel brave apen maar ook enorm veel gevaarlijke. Dan moest je doodstil blijven staan en No zeggen. Maar vooral niet roepen of weglopen. Gemakkelijker gezegd dan gedaan vonden wij. Alleszins, ze hadden ons toch wat bang gemaakt en dus trokken we hand in hand het padje op. Niet wetend wat een bende apen ons te wachten stond. Links, Rechts, boven overal waren apen. Eerst vroegen we aan de meneer die wat uitleg had gegeven over de route of hij niet mee wou, omdat we ons dan wat veiliger voelden. Maar helaas kon hij zijn post niet verlaten. Gelukkig had hij blijkbaar gezien hoe seutjes we waren en is hij nog achter ons gekomen. Al een geluk want die apen, ja het trauma bleef toch een beetje! We overleefden het pad en kwamen op een kleine opening terecht. Daar zat een grote zwarte aap. Te zitten en te kijken, die was niet gevaarlijk en best nog schattig. En toch wat mensenschuw, later werd duidelijk dat zij voelde dat wij wat bang waren en dan worden ze zelf ook bang. Hetzelfde voor een klein capuchino aapje dat bij een meneer aan een touwtje hing. Fidelia genaamd, na een tijdje hadden we toch de moed gevonden om ze bij ons te nemen, maar daar had zij ging zin meer in. Waarschijnlijk voelde ook zij de angst. Alleszins we hebben toch wat apen aangeraakt en er enorm veel gezien. Het park was nog veel groter, maar helaas was daar geen tijd meer voor. Na half 5 werd alles wat te gevaarlijk. We namen wel nog een kijkje bij de gigantische papegaaien. We genoten van een wandelingetje terug, met een prachtig zicht aan de rivier. Onbeschrijfelijk, het leek alsof we in een andere wereld terecht waren gekomen. Terug in het hotel namen we nog een plonsduik en een douche. We trokken propere kleren aan zodat we iets konden gaan eten. Plots werden we tegengehouden door een andere meneer van het hotel, om te vragen of we wat yuca, en vlees van bambi wouden proberen. Waarom niet, dit kansje konden we niet afslaan uiteraard! Yuca is een soort wortel dat gegeten wordt als een aardappel en best nog lekker. Dit wordt eerst gekookt en nadien gebakken. Ook waren er een speciaal soort kruiden op. Het vlees was minder mijn ding. Er werden nog cocktails geprobeerd op de kosten van het hotel. ( gelukkig want lekker waren ze niet echt ). Ja, soms kan je daar gebruik van maken dat we met drie jonge meisjes in het buitenland zijn. Dan profiteren we maar! Na ons proevertje gingen we nog iets eten in het enige restaurant dat we betrouwden. Voor 23 bolivianos ( 2.5€ ) kreeg ik daar een bord van jewelste voor mijn neus. Met een gigantisch stukje vlees, rijst en yucafrieten met daarbij nog een heel bord groenten. En dit noemden ze dan de kleine schotel. Ja wadde. Buikjes goed gevuld, trokken we terug naar het hotel. Want mensen die daar werkten hadden wel 100 keer gevraagd of we ’s avonds een poolparty wouden. Daar hadden we natuurlijk wel zin in , ook al wouden we eigenlijk naar de discotheek gaan. Maar goed, we gingen kijken wat dat ging geven. We waren nog maar net in onze kamer of er werd op onze deur geklopt om te vragen wat we wouden doen. De jongens zeiden dat het te gevaarlijk was in de discotheek en dat de andere niet open was op zaterdag. Pfff, wat zever vonden wij, maar blijkbaar was het echt zo. We kregen gratis drinken en er kwam een grappige meneer bijzitten. Het was nog wel grappig, maar die jongens waren toch wat te opdringerig ( en jammer genoeg niet echt knap! ). Toen besloten we nog maar een duik te nemen in het water onder de prachtige sterrenhemel. Het werd al laat, en we wouden van onze stalkers af, dus kropen we ons bedje in. Blijkbaar was er mij iets misvallen, want ’s nachts besloot mijn maag dat we een bezoek aan de wc gingen brengen voor een tijdje. ( niet zo gezellig natuurlijk ). Met nog wat misselijkheid achteraf, viel het wel nog mee. Zoveel last had ik er niet meer van.
Zondag, dag 2 van ons weekend. ’s Morgens kregen we een tropisch ontbijt, dat niet echt de moeite was. Maar gelukkig kon mijn maag toch nog niet zoveel aan. Een beetje later trokken we naar de jungla. Een ander park dat wat verderop lag. De taxi bracht er ons naartoe. Alweer een taxichauffeur die blij was met 3 buitenlandse meisjes. Hij spoot ons helemaal in met muggenspray. Klaar om de jungle in te gaan. Het park waren allemaal hangbruggen en avontuurlijke dingen die de mensen zelf hadden gemaakt. Bovendien woonden ze daar nog ook. Klimmen in de bomen zoals apen en toen zagen we hun huis. Ze leefden echt zoals George of the jungle. Op onze wandeling kwamen we een eerste ‘ schommel’ tegen. Van 4 meter hoog werden we op een schommel gezet en daar gingen we. Dit vonden we al heel wat. Verder was er nog een schommel, die heel lang was naar een andere boom. Daar was niet zoveel aan, het was wel hoog en eng op het einde dat je precies tegen een boom zou knallen, maar in vergelijking met de rest was dit maar flauw. Door het oerwoud kwamen we een toren verder tegen. 8 m of 12 m vroeg onze begeleider. Toen werd het ons duidelijk, een gigantische schommel. Zo stoer als we waren kozen we natuurlijk voor de 12m. Dit was echt al behoorlijk hoog en je zweefde echt tussen de planten door het oerwoud. Net als George; alleen knalden wij niet tegen een boom. Gelukkig! Als werd op film gezet, dus de bewijzen zijn er! Zalig ritje was dit!
Helemaal in de waan van onze vlucht door het oerwoud, botsten we op nog een groter ding. Dit keer was het 18 m hoog. Verschrikkelijk maar ooooh zo zalig! Ik zweefde echt door de lucht, want ik zat helemaal niet op mijn schommel. Amper beveiligd, maar toch veilig voelend vlogen we alweer door de jungle. Ongelofelijk echt. Ik denk wel dat iedereen in de buurt gehoord heeft dat ik er geweest ben. Blijkt dat ik soms een luide stem heb. Maar ik voelde me werkelijk Georgette of the jungle! Zalig, echt ongelofelijk.
Na wat wandelen konden we bekomen van een zweefvlucht op het strand aan een rivier. Mooi wit zand en keien, zalige zon en helaas veel te veel beesten. Op het eerste zicht leken die beestjes niets te doen, tot we plots zagen dat er allemaal puntjes bloed op onze benen stonden en 2minuten later rode plekken. Ach, het valt nog mee, het jeukt niet. Toen nog niet alleszins, die helse jeuk begon pas toen we terug thuis waren. ( blijkbaar is dat altijd zo, ik weet niet waarom ). Intussen zijn mijn benen een rood hobbelig verlaten slagveld. Lelijk om zien eigenlijk en jeuken dat het doet, niet te doen! Alles staat vol, maar we leven nog, dus dat overleven we ook wel weer!
Na ons bezoekje aan de rivier keerden we terug. De taxichauffeur stond ons al op te wachten en we keerden terug voor een frisse plons in het zwembad. Want zweten, ja dat doe je wel in de jungle.
In de namiddag keerden we terug naar het park van de dag voordien. Daar hadden we nog niet alles kunnen zien wegens tijdgebrek. Uiteraard namen we terug de brommer, dat ritje konden we niet afslaan. Dit keer zat ik samen met Sarah op 1 brommer. Hilarisch eigenlijk, en we gingen nog sneller. Uiteraard zaten we met de poepers. ( Alwéér )
De mensen in het park kenden ons nog, zeker die ene meneer. Hoe zou dat nu toch komen? We trokken den bergen op , op zoek naar de cascades. Ja man, zweten als een olifant dat ik deed! Het was er al warm van zich en dan nog wat bergen beklimmen. Mijn kleine benen konden soms de trappen niet op en moest ik al eens kruipen. Ach, om je maar wat in te leven in het leven van een aapje denk ik dan. Na een kwartier omhoog wandelen kwamen we aan de mirador. Een huisje bijna bovenop de berg. Van daaruit hadden we een prachtig uitzicht over heel villa tunari. ( Groot was het niet , dus perfect mogelijk ). Het uitzicht was adembenemend. Enorm mooi! Je zag er werkelijk alles : water, rotsen, bergen, wolken, huizen en bewoning, en jungle. All in one mogen we het wel noemen. De tocht ging nog verder op zoek naar de watervallen. Die werden na 20 minuten verder de bergen in te wandelen en klimmen, gevonden. Ze waren ( er waren er 2 ) niet reusachtig maar wel mooi en gezellig. Uiteraard konden we de kans niet laten schieten om er onder te gaan staan! Zalig en verfrissend! En deze keer geen beesten die van ons een slagveld maken! Al snel moesten we onze tocht terug zetten, aangezien we voor 5 uur uit het park moesten zijn omdat het dan te gevaarlijk werd. ( Dit hebben we niet gehaald, oeps ). Maar we leven nog en er is niets gebeurd. Wel nog enkele confrontaties met de apen. We keerden snel terug naar het hotel, namen onze spullen en gingen op zoek naar een busje terug naar Cochabamba. Het werd al snel half 7 voordat we villa tunari verlieten en zo werd het al snel 10 uur voordat we thuis waren. Moe, maar tevreden van een zalig weekend kropen we in ons bed en vielen in slaap als een blok.
( de hele weg was pikkedonker en kleine hobbelige baantjes, het was beter van niet te kijken dan wel, en we waren blij toen we dat overleefd hadden! )
Alleszins was het een geslaagd weekend! Eentje om niet te vergeten!!
Maandag 27 april ’09
Nog wat vermoeiend van het zware weekend trokken we weer met veel goeie moed naar de school. Onmiddellijk werden we ingeschakeld om een leerkracht te vervangen die ziek was. De hockey pockey werd nog wat gedanst en uiteraard werd de leerstof verder gezien.
De laatste week in het weeshuis is begonnen. Nog 3 dagen. Ik tel wel wat af, omdat het werk echt zwaar en vermoeiend is. Toch ga ik die kleine schatjes echt missen. Ze kunnen echt lief en schattig zijn maar soms ook zo vervelend! Amai !
Dinsdag 28 april – donderdag 30 april ‘09
De laatste dagen weeshuis…
Maar eerst gingen we verder aan de slag op de school. Dinsdag moesten we een hele dag lesgeven.. Vermoeiend maar het blijft wel leuk. De klas van het eerste middelbaar blijven echt de moeilijkste kinderen. We hebben nu wel iets gevonden dat ze ook interesseert ( muziek )met muziek sluiten we de les dan mooi af.
Op woensdag hebben we een heel avontuur meegemaakt. Eindelijk besloten we al ons EHBO-materiaal mee te sleuren naar de school. Ik stopte mijn trekkersrugzak vol en we vertrokken. Natuurlijk dat ding is gigantisch en de bussen zijn hier mini. Dat ging dus niet zo goed samen. De eerste bus lieten we er 3 voorbij gaan omdat we er niet meer bij konden. Nadien was het proppen. Lynn stapt op de bus en zit natuurlijk vast met haar rugzak. Maar toen was het nog niet zo erg, de tweede bus was nog erger en toen zat ik echt vast. Uiteraard liggen we steeds strijk van het lachen en bekijkt de bus ons van, wat een gekke mensen zijn dat. De hele busrit heb ik niets gezien met mijn rugzak op mijn schoot. Ja, we waren goed geladen. Maar het was best nog grappig. En eindelijk ligt het materiaal op school. Dat werd intussen ook mooi gesorteerd en in de kast gestockeerd. De leerkrachten waren alleszins al enthousiast dat we zoveel bijhebben. Het is echt nodig, want ze hebben er niets. Zo hebben we alweer een nuttige week achter de rug.
Het weeshuis was best nog vermoeiend, maar het waren de laatste dagen en de laatste loodjes wegen het zwaarst. Mijn rug kan best wel eens een goede massage gebruiken.
Vandaag was het afscheid in het weeshuis. Het viel me wat zwaar. Die kinderen achter laten, de mama achterlaten, alles… Ik heb er een ongelofelijke tijd beleefd die ik nooit zal vergeten. Maar toch is het echt moeilijk om het achter te laten. Die kinderen waren al zo aan mij gehecht en zo blij als ik hen liefde gaf en nu… ik mag er niet te veel aan denken.
We kregen nog een uitstekend verslag, een T-shirt van Hermana Julie en een zelfgemaakt tasje met portemonnee. Ongelofelijk. Hopelijk kan ik ooit nog eens terugkeren.
Oh ja, ook gingen we gisteren nog eens naar de cinema. Blijkbaar is er een actie op woensdag, 1 betalen, 2 binnen. Dat ontdekken we dan nu , jammer! De film was alweer in het Spaans, maar ik heb er best nog veel van verstaan, of dat denk ik toch!
Het waren alweer vermoeiende dagen. Morgen is het 1 mei , dus hier ook geen les. We hebben besloten in de voormiddag dan nog maar wat te gaan schilderen en hopelijk alles af te krijgen. Maar dat is voor morgen!
Abonneren op:
Reacties posten (Atom)
Geen opmerkingen:
Een reactie posten